Zorgstandaard
Essentie van de zorgstandaard
De zorgstandaard VRM omschrijft vanuit het perspectief van de patiënten waar goede zorg bij een verhoogd vasculair risico minimaal aan moet voldoen.
Zorgstandaarden zijn samengesteld door patiëntenvertegenwoordigers en zorgaanbieders. Het Coördinatieplatform Zorgstandaarden verbindt de verschillende zorgstandaarden.
In een zorgstandaard worden drie invalshoeken met elkaar verbonden
- Het werken volgens richtlijnen
- Het gebruik maken van ervaringen en inzichten uit de praktijk
- Het werken vanuit het patiëntenperspectief
Vooral het derde deel is de meerwaarde van de zorgstandaard. Het gaat dus vooral om de interactie met de patiënt en zijn betrokkenheid bij zijn eigen zorgproces. Vandaar dat er in de zorgstandaard veel aandacht is voor de ondersteuning van de patiënt en de samenwerking rondom de patiënt.
Norm
De zorgstandaard beschrijft een norm voor de multidisciplinaire organisatie, het beleid en de middelen voor de chronische zorg. Ook wordt omschreven wat de kwaliteitsindicatoren en randvoorwaarden zijn om aan de norm te voldoen.
Richtlijn
Er zijn ook richtlijnen. Een richtlijn is geen norm, maar een hulpmiddel met op wetenschappelijke inzichten gebaseerde aanbevelingen ter ondersteuning van besluitvorming door de professionals. De richtlijn vormt de basis voor een protocol. In een protocol wordt naast het wat en wanneer, het hoe en wie beschreven.
De zorgstandaard vasculair risicomanagement baseert zich op de multidisciplinaire CBO-richtlijn / NHG-Standaard cardiovasculair risicomanagement 2006.
Waarom een zorgstandaard naast richtlijnen en protocollen?
Bij chronische zorg is succes niet alleen afhankelijk van de correcte besluitvorming door de zorgprofessional. Het gaat vooral om de interactie met de patiënt waardoor deze meer verantwoordelijkheid in het eigen zorgproces (kan) nemen. Richtlijnen en protocollen ter ondersteuning van de klinische besluitvorming zijn daarom niet voldoende bij chronische zorg. Er is ook een zorgstandaard nodig, waarin de norm voor de optimale interactie tussen patiënten en hun zorgteams wordt uitgewerkt.
Chronische zorg vereist een specifieke aanpak, waarbij de behandeling niet is gericht op het genezen van de ziekte, maar op het onder controle houden van de risico’s, het vertragen van de progressie en het voorkomen van complicaties. Juist bij chronische zorg is het resultaat van de behandeling sterk afhankelijk van de bijdrage van de patiënt. De interactie tussen zorgverleners en patiënten moet daarom gericht zijn op de specifieke behoeften van de patiënt. Ook moet de patiënt in zijn dagelijkse leven structureel worden gemotiveerd en ondersteund. Alleen wanneer er een goede samenwerking is tussen de zorgverlener en de patiënt worden betere zorgresultaten gerealiseerd (zie onderstaand figuur).

- De richtlijnen en protocollen concentreren vooral op de eerste twee stappen, en op de monitoring in de follow-up. Bij zorgstandaarden gaat het vooral om een goede samenwerking tussen aan de ene kant een multidisciplinair zorgteam en aan de andere kant de geactiveerde patiënten. Om dat te bereiken is vooral de derde stap belangrijk: de follow-up aan de hand van een individueel zorgplan.
- ZorgstandaardVasculairRisicomanagementDeelI.pdf
Zorgstandaard Vasculair Risicomanagement Deel I